| Het bestuur van CLubFIT bestaat uit: Dhr. Cor Verhoog (oostzaan) Voorzitter Dhr. Frans Mäkel (uithoorn) Penningmeester/ secretaris -Honk en softbalvereniging de Pirates - Dhr. Hans Korff (Purmerend) Lid -Korfbalvereniging ASV Swift - Dhr. Leo van Heuzen (Amsterdam) Lid -Korfbal en Softtennis vereniging Blauw Wit Haven FD - Mevr. Agenes van Schendelen (Amstelveen) Lid - tennisvereniging DDV - Naam en Zetel
Artikel 1 1. De stichting draagt de naam: Stichting ClubFIT regio Amsterdam. 2. Zij heeft haar zetel in de gemeente Amsterdam.
Doel Artikel 2 1. De stichting heeft ten doel: a. het moderniseren van het sportaanbod vanuit Amsterdamse sportverenigingen om beter aan te sluiten bij de vraag van huidige en nieuwe leden bij deze sportverenigingen; b. het vergroten van het aantal deelnemers aan georganiseerde sport alsmede het vergroten van de sportfrequentie; en voorts al hetgeen met een en ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin.
Inkomsten Artikel 3 De stichting verkrijgt haar inkomsten uit: - het door de oprichters tot verwezenlijking van het doel van de stichting bestemde bedrag van [ ] in contanten; - subsidies en donaties; - schenkingen, erfstellingen en legaten; - de door de uitoefening van de onderneming te maken winst; - alle andere verkrijgingen en baten. Organen van de stichting
Artikel 4 Pagina 3 De stichting kent de volgende organen: - bestuur; - raad van advies.
Bestuur Artikel 5 1. Het bestuur van de stichting bestaat uit tenminste zeven (7) leden en wordt voor de eerste maal bij deze akte benoemd. Het aantal leden wordt -met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde- door het bestuur met algemene stemmen vastgesteld. 2. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en een penningmeester: van het eerste bestuur worden de leden evenwel in functie benoemd. De functies van secretaris en penningmeester kunnen ook door één persoon worden vervuld. 3. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in het bestuur, zullen de overblijvende bestuursleden met algemene stemmen (of zal het enige overblijvende bestuurslid)binnen twee maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvolger(s). 4. Mocht(en) in het bestuur om welke reden dan ook één of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende bestuursleden of vormt het enige overblijvende bestuurslid niettemin een wettig bestuur. 5. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten. 6. Het bestuur kan één of meer bestuurders aanwijzen die zich bezig houden met de dagelijkse gang van zaken in de vennootschap.
Bestuursvergaderingen en bestuursbesluiten Artikel 6 1. De bestuursvergaderingen worden gehouden in de gemeente waar de stichting haar zetel heeft; met algemene stemmen kan het bestuur besluiten elders te vergaderen. 2. Ieder kalenderjaar wordt tenminste één vergadering gehouden. 3. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien één van de andere bestuursleden daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft aldus, dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten. 4. De oproeping tot de vergadering geschiedt - behoudens het in lid 3 bepaalde - door de voorzitter, tenminste zeven dagen tevoren, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend, door middel van oproepingsbrieven. 5. De oproepingsbrieven vermelden, behalve plaats en tijdstip van de vergadering, de te behandelen onderwerpen. 6. Zolang in een bestuursvergadering alle in functie zijnde bestuursleden aanwezig zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en houden van vergaderingen niet in acht genomen. 7. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur; bij diens afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan. 8. Van het verhandelde in de vergaderingen worden notulen gehouden door de secretaris of door één van de andere aanwezigen, door de voorzitter daartoe aangezocht. De notulen worden vastgesteld en getekend door degenen, die in de vergadering als voorzitter en secretaris hebben gefungeerd. 9. Het bestuur kan ter vergadering alleen dan geldige besluiten nemen indien de meerderheid zijner in functie zijnde leden ter vergadering aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurslid kan zich ter vergadering door een medebestuurslid laten vertegenwoordigen op overlegging van een schriftelijke, ter beoordeling van de voorzitter van de vergadering voldoende, volmacht. Een bestuurslid kan daarbij slechts voor één medebestuurslid als gevolmachtigde optreden. 10. Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits met algemene stemmen van de bestuursleden. De stemmen moeten schriftelijk, elektronisch, per telex of telefax worden uitgebracht. Van een aldus genomen besluit wordt onder bijvoeging van de ingekomen antwoorden door de secretaris een relaas opgemaakt, dat na medeondertekening door de voorzitter bij de notulen wordt gevoegd. 11. Ieder bestuurslid heeft het recht tot het uitbrengen van één stem. Voorzover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven worden alle bestuursbesluiten genomen met volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen. 12. Alle stemmingen ter vergadering geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één van de stemgerechtigden dit voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. 13. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. 14. Tenzij elders in de statuten anders wordt bepaald, is het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter over de uitslag van een stemming beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een schriftelijk vastgelegd voorstel. Wordt onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
Bestuursbevoegdheid Artikel 7 1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting. 2. Het bestuur is bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot het verkrijgen, vervreemden of bezwaren van registergoederen. 3. Het bestuur is bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een derde verbindt.
Vertegenwoordiging Artikel 8 1. De stichting wordt in en buiten rechte uitsluitend vertegenwoordigd door: - het bestuur; - twee gezamenlijk handelende bestuursleden. Pagina 6 2. In het geval waarin de stichting een tegenstrijdig belang heeft met één of meer bestuursleden, wordt de stichting vertegenwoordigd door de bestuursleden ten aanzien van wie geen tegenstrijdig belang bestaat. 3. Het bestuur kan volmacht verlenen aan één of meer bestuurders om de stichting binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen
Einde bestuurslidmaatschap; schorsing Artikel 9 1. Het bestuurslidmaatschap eindigt: - door overlijden van een bestuurslid; - bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen; - bij schriftelijke ontslagneming (bedanken); - bij ontslag door de rechtbank op grond van artikel 2:298 van het Burgerlijk Wetboek; - bij ontslag door het bestuur, waartoe wordt besloten met algemene stemmen in een vergadering waarin alle bestuursleden (met uitzondering van het bestuurslid wiens ontslag aan de orde is) aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zonder dat in het bestuur enige vacature bestaat. 2. Een bestuurslid kan door het bestuur worden geschorst, waartoe moet worden besloten met algemene stemmen; het bestuurslid wiens schorsing aan de orde is, komt in deze vergadering geen stemrecht toe. Indien een bestuurslid is geschorst, dient binnen drie maanden na de ingang van de schorsing te worden besloten, hetzij tot ontslag, hetzij tot opheffing van de schorsing, bij gebreke waarvan de schorsing vervalt. Een geschorst bestuurslid heeft - behoudens het hierna bepaalde - geen toegang tot de bestuursvergaderingen en kan geen stem uitbrengen. Een bestuurslid wiens schorsing of ontslag wordt voorgesteld, wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van het bestuurte verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te doen bijstaan.
Raad van Advies; algemeen Artikel 10 1. De stichting kent een Raad van Advies bestaande uit ten minste zeven (7) natuurlijke personen. De Raad van Advies wordt voor de eerste maal bij deze akte benoemd. Het aantal leden wordt - met inachtneming van het in de vorige zin bepaalde - door de raad met algemene stemmen vastgesteld. 2. De Raad van Advies kiest uit zijn midden een voorzitter. 3. Bij het ontstaan van een (of meer) vacature(s) in de Raad van Advies, zullen de overblijvende leden met algemene stemmen (of zal het enige overblijvende lid) zo spoedig mogelijk doch binnen twee maanden na het ontstaan van de vacature(s) daarin voorzien door de benoeming van een (of meer) opvolger(s). De Raad van Advies vraagt voorafgaand aan de benoeming advies aan het bestuur van de vereniging die vertegenwoordigd zal worden. Bestuursleden of personen die een dienstverband met de stichting hebben, kunnen geen lid worden van de Raad van Advies. 4. Mochten in de Raad van Advies om welke reden dan ook een of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende leden of vormt het enige overblijvende lid niettemin een wettig college. 5. De leden van de Raad van Advies genieten geen beloning voor hun werkzaamheden. Zij hebben wel recht op vergoeding van de door hen in de uitoefening van hun functie gemaakte kosten. 6. Een lid van de Raad van Advies kan door de raad worden geschorst, waartoe moet worden besloten met algemene stemmen; het lid wiens schorsing aan de orde is, komt in deze vergadering geen stemrecht toe. Indien een lid is geschorst, dient binnen drie maanden na de ingang van de schorsing te worden besloten, hetzij tot ontslag, hetzij tot opheffing van de schorsing, bij gebreke waarvan de schorsing vervalt. Een geschorst lid heeft - behoudens het hierna bepaalde - geen toegang tot de vergaderingen en kan geen stem uitbrengen. Een lid wiens schorsing of ontslag wordt voorgesteld, wordt in de gelegenheid gesteld zich in de vergadering van de raad te verantwoorden en zich daarbij door een raadsman te doen bijstaan. 7. Hetgeen in deze statuten aangaande bestuursvergaderingen en besluiten is bepaald, is zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing voor de Raad van Advies tenzij anders bepaald.
Taak Raad van Advies Artikel 11 1. De Raad van Advies heeft tot taak het geven van (on)gevraagd advies aan het bestuur met betrekking tot de verwezenlijking van de grondslag en doelstelling van de stichting. 2. Het bestuur verschaft de Raad van Advies tijdig de voor uitoefening van diens functie noodzakelijke gegevens, waaronder mede begrepen: a. het jaarlijks te actualiseren meerjarenbeleidsplan; b. de begroting (met inbegrip van de investeringsbegroting, de jaarrekening, de accountantsverklaring en het jaarverslag); c. tussentijdse rapportages op hoofdlijnen van beleid uiterlijk te ontvangen binnen een bij reglement vastgestelde termijn; d. notulen van bestuursvergaderingen. 3. Het bestuur voorziet in een secretariaat ten behoeve van de Raad van Advies.
Einde Raad van Advies - lidmaatschap Artikel 12 Het lidmaatschap van de Raad van Advies eindigt: - door overlijden van een lid; - bij verlies van het vrije beheer over zijn vermogen; - bij schriftelijke ontslagneming; - door ontslag bij besluit van de Raad van Advies genomen met algemene stemmen terwijl in de Raad van Advies geen vacatures bestaan. In de vergadering waarin het ontslag van een lid van de Raad van Advies aan de orde komt, heeft het lid van de Raad van Advies wiens ontslag besproken wordt, geen stemrecht; - bij ontslag door de rechtbank op grond van analoge toepassing van artikel 2:298 van het Burgerlijk Wetboek; - na een periode van vier (4) jaar na zijn benoeming volgens een door de Raad van Advies op te stellen rooster. Een lid kan worden herbenoemd voor ten hoogste een tweede termijn van vier (4) jaar.
Vergaderingen Raad van Advies Artikel 13 Pagina 9 1. Ieder kalenderjaar worden tenminste vier (4) vergaderingen gehouden. 2. Vergaderingen zullen voorts telkenmale worden gehouden, wanneer de voorzitter dit wenselijk acht of indien één van de andere bestuursleden daartoe schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten aan de voorzitter het verzoek richt. Indien de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg geeft aldus, dat de vergadering kan worden gehouden binnen drie weken na het verzoek, is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen met inachtneming van de vereiste formaliteiten. 3. De vergaderingen worden bijgewoond door één of meer leden van het bestuur en door de voorzitter uitgenodigde personen. 4. Bij staken van stemmen wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
Boekjaar en jaarstukken Artikel 14 1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar. 2. Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de rechtspersoon en van alles betreffende de werkzaamheden van de rechtspersoon, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de rechtspersoon kunnen worden gekend. 3. Onverminderd het overigens in de wet bepaalde, is het bestuur verplicht jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar de balans en de staat van baten en lasten van de rechtspersoon te maken en op papier te stellen. In geval de stichting een of meer ondernemingen in stand houdt welke ingevolge de wet in het handelsregister moeten worden ingeschreven, wordt bij de staat van baten en lasten de netto-omzet van deze onderneming(en) vermeld. 4. Het bestuur is verplicht de in de leden 2 en 3 bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende zeven jaren te bewaren. 5. De op een gegevensdrager aangebrachte gegevens, uitgezonderd de op papier gestelde balans en staat van baten en lasten, kunnen op een andere gegevensdrager worden overgebracht en bewaard, mits de overbrenging geschiedt met juiste en volledige weergave van de gegevens en deze gegevens gedurende de volledige bewaartijd beschikbaar zijn en binnen redelijke tijd leesbaar kunnen worden gemaakt.
Reglement Artikel 15 1. Het bestuur en de Raad van Advies zijn elk bevoegd een reglement vast te stellen, waarin nadere regels worden neergelegdaangaande de werkwijze van het betreffende orgaan, welke niet in deze statuten zijn vervat. 2. Het reglement mag niet met de wet of deze statuten in strijd zijn. 3. Het bestuur is te allen tijde bevoegd het reglement te wijzigen of op te heffen.
Statutenwijziging Artikel 16 1. Het bestuur is bevoegd deze statuten te wijzigen. Het besluit daartoe moet worden genomen met algemene stemmen in een vergadering, waarin alle bestuursleden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zonder dat in het bestuur enige vacature bestaat. 2. De wijziging moet op straffe van nietigheid bij notariële akte tot stand komen. 3. De leden van het bestuur zijn verplicht een authentiek afschrift van de akte van wijziging, alsmede de gewijzigde statuten neer te leggen ten kantore van het door dewet aangewezen handelsregister gehouden door de bevoegde Kamer van Koophandel en Fabrieken.
Ontbinding en vereffening Artikel 17 1. Het bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Op het daartoe te nemen besluit is het bepaalde in artikel 19 lid 1 van toepassing. 2. De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. 3. De vereffening geschiedt door het bestuur . 4. De vereffenaars dragen er zorg voor, dat van de ontbinding van de stichting inschrijving geschiedt in het handelsregister, bedoeld in artikel 19 lid 3. 5. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. 6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt zoveel mogelijk besteed overeenkomstig het doel van de stichting. Besluiten dienaangaande dienen te worden genomen met algemene stemmen. 7. Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende zeven jaren berusten onder de jongste vereffenaar; het bestuur is bevoegd een andere bewaarder en/of een opvolgend bewaarder aan te wijzen. |